voorleessessie presentatie kaap de goede hoop

In de Volkskrant van 7 september stond een leuk artikel. Het ging er over dat tegenwoordig alles leuk moet zijn. We adviseren de jeugd om een beroep te kiezen dat leuk is. We stimuleren kinderen om keuzes te maken op basis van leukheid. En niet bijvoorbeeld op: de rotklusjes eerst, dan heb je die maar gehad. We leven in een leuk-cultuur.

En als je succesvolle en rijke mensen hoort vertellen hoe ze zover zijn gekomen, dan hoor je ze, soms met lichte verbazing, zeggen dat ze alleen maar hebben gedaan wat ze leuk vonden. Dat ze daar jarenlang keihard bij gewerkt hebben, hoor je niet. Want hard werken, dat vinden die mensen gewoon leuk. Dat ze uitzonderlijke talenten hebben, zeggen ze ook niet. Want ze weten niet beter.

Dat sterkt ons in het idee dat alles leuk moet zijn en leuk kan zijn. Dat we daar recht op hebben. Dat nu, beste mensen, is niet waar.

Wat wel waar is, en nu ga ik van het artikel naar mijn poëzie, is dat er qua leuk niets gaat boven een voltooide mega-klus. Mijn eerste bundel vertalen, daar heb ik een half jaar over gedaan voordat ik hem aan een Fries durfde voor te leggen. Ik was nog steeds onzeker, er zouden vast en zeker echte fouten, of minder fraaie oplossingen in staan. Maar, ik wist wel dat ik ze niet op hun hart zou trappen. Het leek ergens op. En dat vond ik geweldig. Om niet te zeggen, leuk. Dat ik vervolgens twee behoorlijk positieve recensies kreeg, dat ik hoorde zeggen dat de twee versies, Nederlands en Fries, volstrekt gelijkwaardig waren, dat vond ik nog leuker. Maar het was wel een sisyfusklus geweest.

Nou, en daar gaat precies het gedicht over dat op de uitnodiging stond. Over hoe leuk het is als iets moeilijks is gelukt. Als ik tegenslag heb overwonnen, gevaar heb getrotseerd. Samen met het genieten van een schitterende zonsopgang, zilte zeelucht, van spelende kinderen op straat, schateren om iets grappigs in de rij voor de kassa, is dat wat ik bedoel met

Het geheim van de klaarlichte dag

Ik stel geen vragen aan de lust
waarmee ik het onmogelijke
uit het water sleep.

In zweet meet zich mijn zijn,
mijn mond doet raar op eigen kracht,
in Sisyfus mijn lach.

Geen keurslijf of duiding
doet afbreuk aan de geur
van verse vogelpoep op druipende fuiken.

Mijn dijen trekken sporen,
eenden kwaken me de weg
naar het geheim van de klaarlichte dag.

De meesten van ons kennen vast wel dat kleine cartoontje uit de krant voor wakker Nederland: Liefde is, en dan een dubbele punt. En dan een grappig plaatje. Of, een iets minder grappig plaatje. Dat cartoontje bestaat al tientallen jaren en het inspireerde me tot het volgende, enigszins treurige gedicht.

De krant zegt

Liefde is: als je schild
zakt, wordt je gestut.

Ik donder om, strompel voort
tot het laatste licht
in duizend snippers scheurt.

Duizend dus, en een.

In de schaduw van de stilte
scharrelt een egel zonder stekels.

Het derde gedicht dat ik voorlees, gaat over religiekritiek en over de basale menselijke ervaring die zich aan iedere religie onttrekt.

In de ervaring

In de verkramping die zich niets meer afvraagt.
Grijpende handen, vlammen op borst en hals.

Je gezicht, van concentratie vlak.
Strak. Je ogen naakt.

Je mond die zonder woorden
geen moment geluidloos raakt.

Ervaring, het woord van bevindelijken. In angst
want geneigd tot kwaad, tot enig goed niet in staat,
rest alleen het zoeken. Verlossing, als die komt,
van een onkenbare God.

Twee mensen die ontmanteld samengaan,
onderweg als een Barmartige Samaritaan
elkaar het laatste restje schaamte ontnemen.
De moed die dat vraagt. De genade.

Het laatste gedicht dat ik voorlees, voor ik er het zwijgen toe doe, gaat er over dat je soms niets anders kunt doen dan het hoofd buigen en je verlies nemen. Het heet:

Op de knieën

Meeuwen overschreeuwen me
maar bovenal de lucht:
pijn-aan-de-ogen-koningsblauw
voert me mee naar verten,
verder dan het oog
dat naar binnen kijkt
hoe in mijn pot met goud
je regenboog bezwijkt.

Maar prikkelgeur van kwelder zegt:
er is geen ontwijk.

Misschien vind ik beschutting
in mijn ondergelopen kelder
waar ik ten langen leste,
op de knieën,
zwijg.


Valid XHTML 1.0 Strict